Franciska de Beer (Foto: Lucas Kemper/Noorderzon)
Onderzoeker Franciska de Beer (Foto: Lucas Kemper/Noorderzon)

Gezondheidscentrum Noorderzon met Zorg die iedereen past

Vrijdagmiddag 22 augustus stromen bezoekers nieuwsgierig de Nova-tent van Noorderzon binnen. Jong en oud zoeken een plekje en nemen plaats. Ze zijn benieuwd naar wat onderzoekers van het UMCG te vertellen hebben. De centrale vraag: hoe maken we de zorg beter en eerlijker voor mannen én vrouwen? Of anders gezegd: hoe verkleinen we de verschillen in de zorg?

Nog steeds is de man vaak de standaard in medisch onderzoek. Vrouwen reageren soms anders op medicijnen dan mannen, hebben vaker bijwerkingen, en aandoeningen die vooral bij vrouwen voorkomen zoals endometriose of overgangsklachten, krijgen te weinig aandacht. Daardoor sluit de zorg niet altijd goed bij hen aan. Onderzoekers van het UMCG willen dat veranderen. Daarom stappen ze buiten de vertrouwde muren van de academische wereld en vertellen over hun onderzoek bij publieksevenementen, zoals juist op Noorderzon. Want, zo benadrukken ze: wetenschap gaat ons allemaal aan. 

Eerder dit jaar ontvingen deze onderzoekers een speciale subsidie van het UMCG, een van de vijf zogenaamde seed grants. Daarmee krijgen veelbelovende projecten over man-vrouw-verschillen een eerste start, met kans op grotere onderzoeken die echt verschil maken in de zorg. 

‘Wat bedoelen we eigenlijk met ‘het zit tussen je oren’?’

Gezondheidscentrum Noorderzon 

De voorstelling opent met een quiz en het fictieve ‘Gezondheidscentrum Noorderzon’. Het publiek reist langs verschillende levensfasen, waarin telkens duidelijk wordt hoe sekse en gender invloed hebben op gezondheid. Onderzoekers Paola Mian en Daan Touw laten zien dat jongens en meisjes medicijnen vaak anders verwerken. Toch krijgen ze meestal dezelfde dosis. Voor ouders roept dat vragen op zoals: ‘Is deze hoeveelheid wel veilig voor mijn kind?’ Mian legt uit: ‘Tijdens de puberteit veranderen hormonen, gewicht en stofwisseling. Dat kan betekenen dat een medicijn anders werkt of dat de dosis aangepast moet worden. Door mijn onderzoek in begrijpelijke taal uit te leggen, hoop ik ouders meer inzicht en vertrouwen te geven.’ 

Daarna gaat de aandacht naar de volwassen fase. Vrouwen kunnen te maken krijgen met endometriose, hormonale klachten of een kinderwens die niet altijd makkelijk vervuld kan worden. Onderzoeker Hannah Holstein vertelt dat vrouwen met endometriose gemiddeld 7,4 jaar moeten wachten op een diagnose. Dat is erg lang. Ontsteking en stress kunnen een rol spelen, maar er is nog veel dat we niet weten. Meer onderzoek kan helpen om klachten sneller te herkennen en beter te behandelen. 
 
Omdat vrouwen vaak langer moeten wachten op een juiste diagnose, krijgen ze van artsen vaker te horen dat hun klachten aan stress liggen of ‘tussen de oren’ zitten. Aranka Ballering en Sieta de Vries brengen het publiek vervolgens aan het lachen én aan het denken. Ze bespreken wat we eigenlijk bedoelen met ‘het zit tussen je oren’ en leggen uit dat klachten altijd lichamelijke, psychologische én sociale kanten hebben. Omdat vrouwen vaak later een diagnose krijgen, gaan ze zelf op zoek naar oplossingen en proberen sneller alternatieve geneeswijzen. Omdat er nog weinig onderzoek is, is vaak niet duidelijk of deze middelen echt helpen of juist schadelijk zijn. Met een quiz laten Ballering en De Vries zien dat het verschil daartussen soms klein is. Zo kan sint-janskruid bijvoorbeeld de werking van de anticonceptiepil of hiv-medicatie beïnvloeden. 

De kennis van het publiek wordt getest in een quiz. (Foto: Lucas Kemper/Noorderzon)

Klachten te weinig (h)erkend 

Ook de overgang en de impact daarvan op mentale gezondheid krijgen aandacht, in een nagebootst spreekkamergesprek van Franciska de Beer en Iris Hamers. Zij onderzoeken welke mentale gezondheidsproblemen vrouwen ervaren tijdens de overgang en hoe vaak deze voorkomen. Veel klachten worden nog te weinig (h)erkend. Hun onderzoek helpt vrouwen beter te begrijpen wat ze kunnen verwachten en ondersteunt zorgverleners bij het afstemmen van de zorg. Wanneer het gesprek verschuift naar implantaten, wordt duidelijk hoe diep de mannelijke standaard nog zit. Daniëlle van Veldhuizen laat zien dat een standaard implantaat voor een gebroken bekken vaak niet goed past bij vrouwen, terwijl het bij mannen beter aansluit. Ze onderzoekt voor welke andere botstructuren dit geldt en wat de invloed is van een minder goede pasvorm op lange termijn. Dit onderzoek benadrukt dat zorg persoonlijker moet worden ingericht: elk implantaat moet zo goed mogelijk passen bij de individuele patiënt. 

Daniëlle van Veldhuizen. (Foto: Lucas Kemper/Noorderzon
‘Soms lijkt onderzoek nog zo ver van je bed, maar door dit te laten zien en uit te leggen, wordt het ineens een stuk begrijpelijker’

Bewustwording in de zaal 

In nog geen drie kwartier komen alle vijf onderzoeken voorbij. Het tempo ligt hoog, maar de zaal blijft geboeid. Na afloop vertellen enkele bezoekers dat de verhalen over implantaten en medicijnen hen hebben geraakt. ‘Heel gek dat sommige behandelingen dus eigenlijk alleen op mannen zijn ingericht,’ zegt een bezoeker. Een andere bezoeker voegt toe: ‘Het is fijn om te zien dat er zo hard wordt gewerkt aan deze verschillen. Soms lijkt onderzoek nog zo ver van je bed, maar door dit te laten zien en uit te leggen, wordt het ineens een stuk begrijpelijker.’ 

Voor de onderzoekers is dat precies de bedoeling. Door hun werk te delen, hopen ze dat wetenschap tastbaar en dichtbij voelt. Over echte vrouwen, echte gezinnen en betere zorg. Het gesprek met publiek geeft bovendien nieuwe inspiratie: buiten de wetenschappelijke bubbel ontstaan vaak verrassende ideeën.
 
Astrid Cantineau, gynaecoloog in het UMCG en betrokken bij hetzelfde onderzoeksproject als Holstein, zegt: ‘Veel beleidsmakers zijn mannen, juist daarom moeten zij dit óók horen.’ Hoewel de zaal grotendeels gevuld was met vrouwen, waren er ook enkele mannen aanwezig. De voorstelling was volledig uitverkocht. ‘De interesse is er dus wel, maar het blijft belangrijk dat niet alleen vrouwen zich bewust worden van deze onderwerpen,’ benadrukt Cantineau. ‘Hoe krijgen we nog meer zalen vol, mét mannen erbij, zodat ook zij de impact van sekse en gender in de zorg beter begrijpen?’ 

V.l.n.r. Sieta de Vries, Franciska de Beer, Iris Hamers, Hannah Holstein, Mae Tol, Aranka Ballering, Daniëlle van Veldhuizen, Arno Bourgonje, Astrid Cantineau (op de foto ontbreken Paola Mian en Daan Touw) 

Aranka Ballering is genomineerd voor de titel Wetenschapstalent 2025 door wetenschapsplatform New Scientist. Stemmen kan tot 8 september en doe je hier

Wetenschap dichtbij

In de rubriek Wetenschap dichtbij laten we je zien, dat wetenschap geen gesloten wereld is. We brengen kennis naar plekken waar mensen die kunnen gebruiken. Om te begrijpen, te herkennen en gezondere keuzes te maken.

Onderzoekers luisteren naar wat er speelt in de samenleving en nemen die verhalen mee in hun onderzoek. Want daar waar onderzoek en samenleving elkaar ontmoeten, ontstaan nieuwe inzichten. Zo bouwen we samen aan meer gezonde jaren.