Stamceltransplantatie: een nieuw immuunsysteem als behandeling tegen bloedkanker

Een stamceltransplantatie is een zeer intensieve behandeling voor patiënten met bijvoorbeeld acute leukemie. Maar wat gebeurt er precies en hoe werkt het eigenlijk? Hematoloog Linde Morsink legt het uit.

Een stamceltransplantatie is een ingrijpende behandeling voor patiënten met bloedkanker, zoals leukemie en lymfomen. Zieke stamcellen in het beenmerg worden vervangen door gezonde stamcellen. Dit kunnen stamcellen van jezelf zijn (autoloog) of van een donor (allogeen). De stamcellen kunnen uitgroeien tot verschillende soorten bloedcellen. Dat zijn rode bloedcellen die zuurstof vervoeren, bloedplaatjes die belangrijk zijn voor de stolling en verschillende soorten witte bloedcellen. Die witte bloedcellen zijn erg belangrijk voor het immuunsysteem.

Nieuw immuunsysteem opbouwen

Bij een zogenoemde allogene stamceltransplantatie krijgt de patiënt bloedvormende stamcellen van een donor. Linde Morsink: ‘Het doel is dat we bij de patiënt een nieuw immuunsysteem opbouwen. Dat immuunsysteem speelt vervolgens een belangrijke rol bij de bestrijding van de ziekte. Met de behandeling willen we niet alleen het beenmerg van een patiënt herstellen, maar ook achtergebleven kankercellen opruimen.’

Niet alle leukemiecellen door chemotherapie opgeruimd

Bij acute leukemie lukt het vaak niet om met chemotherapie alle leukemiecellen uit te schakelen, zegt Morsink. ‘Zelfs wanneer we met de beschikbare onderzoeken geen leukemiecellen meer vinden, kan er nog een kleine hoeveelheid ziekte aanwezig zijn. Het immuunsysteem van de patiënt is er kennelijk niet in geslaagd die afwijkende cellen op te ruimen.’

"Na stamceltransplantatie kan nieuw immuunsysteem bij patiënt resterende leukemiecellen aanvallen"

Stamcellen vormen bloed- en immuunsysteem

Daarom krijgt de patiënt via een transplantatie stamcellen van iemand anders. Morsink: ‘Die stamcellen gaan het nieuwe bloed- en immuunsysteem bij de patiënt vormen. Daaruit ontstaan de afweercellen die de achtergebleven leukemiecellen kunnen herkennen en aanvallen. Dit is een belangrijk onderdeel van de werking van de transplantatie. Dit wordt het graft-versus-leukemie-effect genoemd.’

Passende donor

De keuze van de donor is een belangrijk onderdeel van het proces. ‘We kijken daarbij naar de HLA-typering, dit is een soort biologische ‘streepjescode’ van het immuunsysteem. Hoe beter donor en patiënt bij elkaar passen, hoe groter de kans op een goede uitkomst. Donoren kunnen familieleden zijn, maar ook worden gevonden via internationale donorbanken.’

Zelf stamceldonor worden? 

Iedereen die zich wil aanmelden als stamceldonor, kan dat doen bij Matchis, het Nederlands centrum voor stamceldonoren. Hoe meer stamceldonoren er zijn, des te groter is de kans om voor alle patiënten een geschikte donor te kunnen vinden. Uit onderzoek blijkt dat de kans op genezing voor de patiënt het grootst is, als de stamcellen van een jonge donor komen.

Machine haalt stamcellen uit bloed van de donor

De donorstamcellen worden uit het bloed van de donor gehaald. Die krijgt vooraf medicijnen die ervoor zorgen dat meer stamcellen vanuit het beenmerg in het bloed terechtkomen. Vervolgens wordt het bloed van de donor door een speciale machine geleid. Die haalt de stamcellen eruit en geeft de rest van het bloed weer terug aan de donor. 

"Hoe beter donor en patiënt bij elkaar passen, hoe groter de kans op succes"

Voorbereiding patiënt op transplantatie

Voordat de patiënt donorstamcellen ontvangt, krijgt hij een voorbereidende behandeling. ‘Dat heet conditionering. Daarmee wordt het eigen immuunsysteem van de patiënt onderdrukt, zodat het de vreemde stamcellen niet afstoot. Tegelijkertijd kan de conditionering helpen om nog aanwezige leukemiecellen verder terug te dringen. De conditionering kan relatief mild zijn, bijvoorbeeld met chemotherapie en een beperkte hoeveelheid bestraling, maar kan ook zeer intensief zijn. Dit stemmen we zo veel mogelijk af op de individuele patiënt; het is echt maatwerk. De afweging is vaak ingewikkeld. Een intensieve behandeling kan de kans op genezing vergroten, maar brengt ook meer risico’s en mogelijke complicaties met zich mee.’

Stamceltransplantatie
 

Toedienen via infuus

Voor de patiënt is de transplantatie zelf relatief eenvoudig: de stamcellen worden via een infuus in één keer toegediend. Daarna begint een belangrijke, maar onzichtbare fase. De stamcellen zoeken hun weg naar het beenmerg van de patiënt en gaan zich daar ontwikkelen tot nieuwe bloedcellen.

Nieuwe bloedcellen na twee à drie weken

Na de conditionering en het toedienen van de stamcellen ligt het beenmerg van de patiënt tijdelijk vrijwel volledig stil. Morsink: ‘Daardoor maakt de patiënt nauwelijks witte en rode bloedcellen en bloedplaatjes aan. Vooral het tekort aan witte bloedcellen maakt de patiënt dan zeer kwetsbaar voor infecties. Na ongeveer twee tot drie weken zijn de eerste nieuwe bloedcellen in het bloed zichtbaar. De stamcellen hebben zich dan in het beenmerg gevestigd en beginnen een nieuw bloedsysteem op te bouwen. Het duurt echter nog maanden voordat het nieuwe immuunsysteem volledig functioneel is.’

Telkens balans vinden

Morsink geeft aan dat het nieuwe immuunsysteem tegelijkertijd de kracht én een van de grootste risico’s van een allogene stamceltransplantatie is. ’De donorafweer moet de resterende kankercellen aanvallen, maar kan zich ook tegen gezonde weefsels van de patiënt richten. Dit heet graft-versus-hostziekte. De huid, lever en darmen kunnen bijvoorbeeld worden aangetast. We proberen daarom voortdurend een balans te vinden: voldoende afweer om de ziekte te bestrijden, maar zo weinig mogelijk schade aan gezonde organen. Medicijnen die het immuunsysteem beïnvloeden spelen daarbij een belangrijke rol.’

Patiënt nog enkele weken in ziekenhuis

Voor een patiënt eindigt een stamceltransplantatie niet op de dag waarop de stamcellen worden toegediend. ‘De patiënt blijft doorgaans enkele weken in het ziekenhuis opgenomen. Eerst wachten we op het herstel van de bloedaanmaak en kijken we nauwlettend of zich complicaties zoals infecties en graft-versus-hostziekte voordoen. Na ontslag uit het ziekenhuis volgen nog enige tijd wekelijkse controles, die we afbouwen naar uiteindelijk één keer per jaar nog een controle op de poli.’ 

Teamwork

Een stamceltransplantatie is complexe zorg waarbij veel verschillende zorgverleners betrokken zijn. Naast hematologen werken onder meer verpleegkundigen, transplantatiecoördinatoren, infectiologen, ziekenhuisapothekers, immunologen, radiotherapeuten, microbiologen  en laboratoriummedewerkers samen. Ook de donorcentra en internationale donororganisaties spelen een belangrijke rol.

#hoedan

In de rubriek #hoedan geven we antwoorden op vragen die je altijd al had, of waarvan je niet eens wist dat je ze had. Elke acht weken trakteren we je op een nieuw inzicht.