Om de zorg betaalbaar en voor iedereen toegankelijk te houden, gaan de Groningse ziekenhuizen en de drie grootste zorgverzekeraars uit deze regio samen aan de slag. Ommelander Ziekenhuis Groningen, Martini Ziekenhuis en UMCG zijn met Menzis, Zilveren Kruis en VGZ een samenwerking gestart op het gebied van beweegzorg, cardiologische zorg, rectumchirurgie en plastische chirurgie.

Voor patiënten betekent de samenwerking dat ze in het Ommelander Ziekenhuis Groningen terecht kunnen voor basiszorg, in het Martini Ziekenhuis voor de meer specialistische zorg en in het UMCG voor de meest specialistische zorg. De juiste zorg op de juiste plek moet leiden tot kortere wachttijden. ‘En ja, dat betekent ook dat een patiënt soms verder moet reizen dan nu’, zegt bestuurder van het Ommelander Ziekenhuis Bas Wallis de Vries. Samen met Wilja Strating, manager zorg van Menzis, gaf hij namens de betrokken bestuurders een interview aan Zorgvisie. Hun belangrijkste boodschap: om de zorg toegankelijk en betaalbaar en van hoge kwaliteit te houden, moeten we meer samenwerken en de zorg slimmer verdelen.

Collectief gaat voor het individu

Patiënten kunnen dus niet altijd meer zelf kiezen naar welk ziekenhuis zij gaan. Een onvermijdelijke ontwikkeling, maar wel eentje die goed is uit te leggen, zegt Wilja Strating. ‘Patiënten hebben nu nog veel keuzevrijheid, maar als we op de huidige manier doorgaan komt essentiële basiszorg steeds verder onder druk te staan. We kunnen ze dus soms minder keuze bieden, maar daarmee zorgen we er wel voor dat we de spoedeisende hulp in de regio open kunnen houden. Het collectief gaat voor het individu.’

Geen ordinaire koehandel

Samenwerken: dat is het sleutelwoord. En dat is meer dan het simpelweg uitruilen van werk. ‘Het is geen ordinaire koehandel’, zegt Wilja Strating. Als voorbeeld noemt zij rectumchirurgie. Dat wordt sinds een aantal maanden in het Martini Ziekenhuis gedaan, terwijl de gewone darmoperaties juist meer in het Ommelander Ziekenhuis worden gedaan. Dat heeft alles te maken met een slimme verdeling van personeel en een goede spreiding van de zorg. Dat kan alleen als je met elkaar samenwerkt, elkaar vertrouwt en informatie met elkaar deelt. Strating: ‘Iedere partij heeft zijn eigen belang, maar er is ook een gezamenlijk belang: goede en betaalbare zorg in de regio. Het toegankelijk houden van de basisvoorzieningen. Daarom moeten we elkaar helpen, samenwerken en zorgen dat niemand omvalt.’

Intensieve sessies

Om tot deze nauwe samenwerking te komen, was tijd nodig. Tijd om als ziekenhuizen en zorgverzekeraars over de eigen schaduw heen te stappen en oud zeer te benoemen. ‘Intensieve sessies’, zo omschreef UMCG-bestuurder Stephanie Klein Nagelvoort Schuit het. Strating zei erover in een interview met Zorgvisie: ‘We hebben allemaal onze eigen belangen. Die hebben we geaccepteerd. Het beeld van ziekenhuizen is dat zorgverzekeraars nooit geld willen uitgeven. Dat willen we wel, maar daar moet wel tijdige en passende zorg tegenover staan. Zorgverzekeraars denken op hun beurt dat ziekenhuizen alleen maar willen groeien. Ook dat is inmiddels vanwege de personele tekorten verre van de waarheid.’

Operaties voorkomen: Beweegzorg Noord

Om de wachtlijsten aan te pakken is het ook belangrijk om te voorkomen dat mensen in het ziekenhuis belanden. Een mooi voorbeeld hiervan is Beweegzorg Noord. Het aantal patiënten met artrose gaat verdubbelen van nu 1,5 miljoen naar 3 miljoen tegen 2035. Op dit moment krijgen jaarlijks meer dan 60.000 mensen vanwege artrose een nieuwe heup of knie. Dit aantal zal de komende jaren toenemen en de wachtlijsten worden steeds langer.

Binnen Beweegzorg Noord werken fysiotherapeuten, huisartsen, orthopeden, ziekenhuizen en zorgverzekeraars samen om te voorkomen dat patiënten een gewrichtsvervangende operatie nodig hebben. Orthopeden werken met fysiotherapeuten samen om mensen de juiste vroegtijdige behandelingen en beweegadviezen te geven. Als klachten dan toch aanhouden of verergeren, dan kan een orthopeed op verwijzing van de huisarts of fysiotherapeut meer gespecialiseerde behandelingen overwegen, inclusief chirurgische ingrepen zoals een gewrichtsvervanging. 

‘Op deze manier zorgen we ervoor dat patiënten eerst minder ingrijpende behandelingen krijgen, wat zowel fijn is voor de patiënt als kostenbesparend voor het zorgsysteem’, vertelt UMCG-bestuurder Stephanie Klein Nagelvoort-Schuit. ‘En als de patiënt uiteindelijk toch een gewrichtsvervangende operatie nodig heeft, dan is hij of zij fitter en de verwijzing veel gerichter dan nu.’