UMCG krijgt 12 miljoen euro subsidie voor onderzoek naar hartfalen

Het Universitair Medisch Centrum Groningen heeft een subsidie van 12 miljoen euro ontvangen voor een groot internationaal onderzoek naar genetische factoren en eiwitten in het bloed, die de effectiviteit van medicatie kunnen voorspellen bij patiënten met hartfalen. Het doel van dit onderzoek is dat per individuele patiënt met hartfalen de meest effectieve medicatie kan worden verstrekt, afhankelijk van de specifieke kenmerken van de betreffende patiënt. De subsidie is beschikbaar gesteld door de Europese Commissie.

Het onderzoek staat onder leiding van Adriaan Voors van de afdeling Cardiologie van het UMCG. Het wordt uitgevoerd in diverse Europese ziekenhuizen. Het onderzoek richt zich vooral op de vraag welke kenmerken bepalen of medicatie wel of niet effectief is bij mensen met hartfalen.

Doel onderzoek

In de afgelopen decennia is de kwaliteit van leven van patiënten met hartfalen sterk verbeterd. Het aantal mensen dat sterft is teruggelopen en het aantal keren dat patiënten opnieuw met hartklachten in het ziekenhuis moet worden opgenomen, eveneens. Toch is hartfalen nog steeds een zeer ernstige aandoening, met een hoge sterfte en slechte kwaliteit van leven. De medicatie die momenteel wordt gebruikt, blijkt voor een deel van de patiënten niet effectief genoeg te zijn. Het doel van dit onderzoek is om de patiënten die niet goed reageren op de medicijnen zo goed mogelijk in kaart te brengen, om daarmee na te gaan waardoor het komt dat zij minder goed reageren. Door recente ontwikkelingen in onderzoekstechniek is het nu mogelijk om de totale genetische opmaak van patiënten te bepalen.
Daarnaast bekijken de onderzoekers welke specifieke eiwitten deze patiënten wel of niet in hun lichaam aanmaken. Tenslotte maken zij gebruik van zogenaamde markers in het bloed en kijken zij naar de specifieke karakteristieken van de patiënt. Hierdoor is het mogelijk om zeer nauwkeurig de patiënten te kunnen identificeren, die wel of geen baat hebben bij de huidige medicijnen. Uiteindelijk kunnen de resultaten van dit onderzoek er toe leiden dat per patiënt met hartfalen een bepaald type medicatie kan worden voorgeschreven, toegespitst op de specifieke kenmerken van de individuele patiënt.

Opzet onderzoek

Het onderzoek vindt plaats onder 2500 deelnemers uit Noorwegen, Engeland, Frankrijk, Duitsland, Italië, Griekenland, Polen en Nederland. Bij alle deelnemers wordt bij aanvang en na enkele maanden een uitgebreid bloedonderzoek verricht, waarmee onder andere de genetische structuur en de aanmaak van specifieke eiwitten wordt bestudeerd. Deze deelnemers worden gedurende anderhalf jaar gevolgd, waarbij een onderscheid wordt gemaakt tussen deelnemers die wel of geen hartproblemen krijgen. Op deze manier kan een aantal factoren geïdentificeerd worden, die invloed hebben op een slechte reactie op de medicijnen. Deze factoren worden vervolgens getoetst in een tweede groep van 2500 deelnemers, om te onderzoeken of de gevonden gegevens juist zijn.
Het onderzoek zal in totaal vijf jaar duren.