Hoe krijg je schurft - en hoe kom je er weer vanaf?

​​​Schurft, tyfus, tering: het lijken uitgestorven ziektes uit een ver verleden die tegenwoordig alleen nog in zwang zijn als scheldwoord. Toch is dat niet zo. Ieder jaar krijgen ongeveer 1000 mensen in Nederland tuberculose (tering) en een veelvoud daarvan raakt (vaak in het buitenland) besmet met darmbacteriën die buiktyfus of een andere tyfusvariant veroorzaken. Ook schurft is bepaald geen uitgestorven ziekte. We vragen UMCG-dermatoloog Sylvia Kardaun: Hoe krijg je schurft, en hoe kom je er weer vanaf?
Patiënten met schurft kunnen alleen een ander besmetten bij intensief lichamelijk contact​

“Een aantal eeuwen geleden had vrijwel iedereen schurft”, vertelt Kardaun. “Maar door verbeterde persoonlijke hygiëne en behandelmogelijkheden komt de ziekte nu lang niet meer zo vaak voor. Toch is ze bepaald niet uitgebannen. ”

Besmettelijke huidziekte

Schurft, officieel scabiës genoemd, is een besmettelijke huidziekte die wordt veroorzaakt door de schurftmijt. Dit is een piepklein beestje dat met het blote oog niet te zien is. Vrouwtjesmijten graven minuscule gangetjes onder de huid en leggen daar hun eitjes. De mijt heeft een ‘gastheer’ nodig om te overleven, buiten het lichaam is ze na drie dagen zo verzwakt dat ze zich niet meer kan ingraven en voortplanten. In het menselijk lichaam kan de schurftmijt wel vier tot zes weken oud worden en zich razendsnel voortplanten.

Intensief lichamelijk contact

“Dat voortplanten is nou juist het probleem”, legt Kardaun uit. “Scabiës geeft vervelende jeuk, roodheid en soms blaasjes op de huid. Dezelfde klachten zien we bij tientallen andere huidaandoeningen. Het duurt daarom vaak even voordat het duidelijk wordt dat het om schurft gaat. Vaak loopt iemand dus al langer met de ziekte rond, en heeft de schurftmijt alle tijd gehad om ‘over te kruipen’ op andere gastheren.

Patiënten met de gewone vorm van schurft dragen meestal niet meer dan 10 tot 15 mijten bij zich en kunnen alleen maar een ander besmetten bij intensief lichamelijk contact (minstens vijftien minuten) of het delen van kleding of beddengoed. Maar mensen die al langer besmet zijn kunnen soms wel miljoenen mijten hebben. Deze mensen kunnen een ander ook zónder intensief contact besmetten, zelfs via het opschudden van een deken of het met een zwaai aantrekken van een jas.”  

Zalf of pillen

“De behandeling van schurft is eenvoudig. We kunnen kiezen uit een zalf die de schurftmijt en de eitjes doodt, pillen met hetzelfde effect, of, in ernstige gevallen, een combinatie van zalf en pillen. Daarnaast moet je kleding en beddengoed wassen. Belangrijk is om ook naar de omgeving van de patiënt te kijken: familieleden, huisgenoten, mensen waarmee fysiek contact is geweest moeten vaak ook gecontroleerd en behandeld worden.”

“Omdat schurft lastig te herkennen is, is het onduidelijk hoe vaak de ziekte precies voorkomt in Nederland. Jaarlijks ondergaan zo’n vijfduizend mensen in Nederland een behandeling voor scabiës. Meestal zien we die geclusterd in kleine of grote uitbraken. Recent nog onder studenten in Groningen, maar ook uitbraken in zorginstellingen komen met enige regelmaat voor. Twee jaar geleden kampte het UMCG zelf met een forse scabiës-uitbraak.”

Schurft in het ziekenhuis

Juist bij mensen die door een andere ziekte of door immuunonderdrukkende medicijnen verzwakt zijn, krijgt de schurftmijt vrij baan. En juist bij deze groep mensen is de ziekte extra moeilijk te herkennen. Ook de uitbraak in het UMCG is zo ontstaan.

“De ontdekking ervan berustte zelfs op toeval”, vertelt Kardaun. “Twee artsen met een overduidelijke scabiësbesmetting kwamen in dezelfde week op mijn spreekuur. Misschien hadden ze samen een wild feestje gehad, maar meer voor de hand lag dat er een besmettingsbron in het ziekenhuis aanwezig was. Toen ik de afdeling Ziekenhuishygiëne vroeg dat uit te zoeken, werd de waarschijnlijke bron, een patiënt op de IC, dezelfde dag nog gevonden. Wat volgde was een uitgebreid contactonderzoek. In totaal hadden 42 medewerkers symptomen die op schurft konden wijzen, bij zes van hen werd scabiës ook echt microscopisch bewezen. Deze 42 werden allemaal behandeld, net als hun gezinsleden en directe contacten. Daarnaast werden er 143 medewerkers die direct contact hadden gehad met de patiënt voor de zekerheid preventief behandeld.”

Indammen van een uitbraak

“Gek genoeg is er geen wetenschappelijke consensus over hoe zo’n uitbraak in een zorginstelling het beste aangepakt kan worden. Moet je álle mensen waarmee contact is geweest behandelen (ook degene zonder klachten), en moet je hun families dan ook behandelen? Het is schipperen tussen zo snel mogelijk de uitbraak stoppen, mensen geen overbodige medische behandeling geven en de kosten beheersbaar houden. Over de uitbraak in het UMCG en de gemaakte keuzes en ervaringen wordt binnenkort wetenschappelijk gepubliceerd. Zo proberen we een basis te leggen voor een meer evidence based bestrijding van scabiësuitbraken in zorginstellingen.”