Iedereen heeft wel eens pijn. En dat is vaak maar goed ook, want pijn kan heel nuttig zijn. ‘Pijn is een waarschuwing van je lichaam’, legt onderzoeker en pijn-expert Hans Timmerman van het UMCG uit. ‘Het zorgt ervoor dat je jezelf beschermt als er schade dreigt. Wanneer je bijvoorbeeld je enkel verstuikt, voel je pijn die ervoor zorgt dat je je enkel even ontziet. Zo voorkom je verdere schade.’
Dat iedereen wel eens pijn ervaart, betekent niet dat we goed begrijpen wat pijn precies is. Daarom schreven Timmerman en zijn collega-onderzoeker Esmeralda Blaney Davidson, die verbonden is aan het Radboudumc Nijmegen, samen Het Pijn Boek - De wetenschap achter het gevoel dat iedereen kent maar niemand begrijpt.
‘Met dit boek hebben we geprobeerd uit te leggen wat pijn is op een manier dat het begrijpelijk is voor iedereen die interesse heeft in het menselijk lichaam, maar wel allemaal wetenschappelijk onderbouwd’, zegt Timmerman.
Een onaangename sensorische ervaring
Volgens de definitie is pijn ‘een onaangename sensorische en emotionele ervaring die geassocieerd is met daadwerkelijke of potentiële weefselschade, of beschreven wordt in termen van dergelijke schade’.
‘Een hele mond vol’, zegt Blaney Davidson. ‘Kort gezegd is pijn een onaangenaam gevoel dat je waarschuwt dat er iets mis is of mis kan gaan in je lichaam. Daarbij spelen niet alleen lichamelijke signalen een rol, maar ook hoe je die ervaart.’ Daarom gebruiken de auteurs ook graag een andere definitie: ‘Pijn is wat de persoon die het ervaart zegt dat het is, en het bestaat wanneer die persoon zegt dat het bestaat.’
Pijn is voor iedereen anders
Pijn is dus een individuele ervaring. ‘Het is voor iedereen anders en kan zelfs per dag verschillen’, zegt Timmerman. Eerdere ervaringen spelen daarbij een rol. Wie ooit door zijn rug is gegaan, kan bang worden om opnieuw dezelfde beweging te maken. Ook ervaringen van anderen kunnen invloed hebben. ‘Als je ziet dat iemand anders pijn heeft, kan dat jouw angst voor pijn vergroten. Zo is uit onderzoek gebleken dat vrouwen met extreme angst voor bevallingspijn ook daadwerkelijk meer pijn ervaren tijdens de bevalling.’
Pijn zit dus ook ‘tussen de oren’. ‘Dat betekent niet dat pijn aanstellerij of verbeelding is’, zegt Blaney Davidson. ‘Wanneer ik met een hamer op mijn vinger sla, gaat er eerst een pijnsignaal naar het ruggenmerg en vervolgens naar het brein. Pas daar ontstaat de ervaring van pijn.’ Herinneringen, emoties, angst en eerdere ervaringen spelen daarbij allemaal een rol.
Als het alarm blijft afgaan
Er zijn verschillende soorten pijn. Zo is er de duidelijke, waarschuwende pijn van een snee of verstuiking, maar ook pijn vanuit inwendige organen, die vaak minder goed aan te wijzen is. Daarnaast bestaat zenuwpijn, en pijn waarbij het pijnsysteem zelf ontregeld raakt. ‘Het systeem blijft alarmsignalen afgeven zonder dat we precies begrijpen waarom. Dan is pijn niet langer een symptoom, maar de aandoening zelf.’
Ook maken artsen onderscheid tussen acute en chronische pijn. Acute pijn verdwijnt meestal zodra de oorzaak is opgelost. Wanneer pijn langer dan drie maanden aanhoudt of blijft bestaan nadat een wond is genezen, spreken we van chronische pijn.
Iedere patiënt is een puzzel
Ruim 3,5 miljoen Nederlanders leven met chronische pijn. ‘Die pijn is echt’, benadrukt Timmerman. ‘Maar omdat pijn zo complex en individueel is, en er zo veel factoren meespelen, is behandelen niet eenvoudig. Veel mensen denken dat pijn altijd betekent dat er iets in het lichaam kapot is, maar dat is niet altijd het geval.’
Daarom pleiten de auteurs ervoor om patiënten niet alleen vanuit één medische invalshoek te bekijken. ‘Iedere patiënt is opnieuw een puzzel,’ zegt Blaney Davidson, ‘Je moet niet alleen kijken naar het lichaam, maar ook naar psychologische en sociale factoren en naar zingeving.’
Begrijpen wat pijn is, hoe pijn ontstaat en welke factoren een rol spelen bij de beleving van pijn kan daadwerkelijk helpen met het omgaan met pijn, zegt Timmerman. ‘Als je begrijpt wat er gebeurt, wordt pijn vaak minder eng. En als pijn minder bedreigend voelt, kan dat de ervaring van pijn beïnvloeden.’
Volledig pijnvrij worden is niet altijd mogelijk, maar meer kwaliteit van leven wel. ‘Beter functioneren, weer naar de supermarkt kunnen, sociale contacten kunnen onderhouden en voldoening uit hun leven halen kan ook al veel verschil maken.’
Het Pijn Boek lezen kan mensen met pijn helpen, maar het lost de pijn niet op. Blaney Davidson: ‘Dit is geen zelfhulpboek en ook geen kant-en-klare oplossing. Maar kennis kan pijn beter hanteerbaar maken. Als mensen begrijpen wat pijn is, kunnen ze die beter plaatsen. Dat geeft vaak rust, begrip en meer regie.’
Een mens is meer dan een rug of een knie
Ook voor de omgeving van mensen met chronische pijn kan dat verschil maken. Want juist daar ontbreekt vaak begrip, merken de auteurs. ‘Veel mensen praten nauwelijks over hun chronische pijn, omdat ze bang zijn als zeur gezien te worden.’ Zo blijft het onderwerp te vaak onzichtbaar.
Volgens de auteurs moeten we daarom anders leren kijken naar pijn. Niet alleen als symptoom van een onderliggende aandoening, maar soms ook als aandoening op zichzelf. Dat vraagt ook iets van zorgverleners. In het boek richten Timmerman en Blaney Davidson zich niet alleen op patiënten, maar ook op professionals en studenten in de zorg. ‘Pijn komt in vrijwel elk medisch vakgebied terug, maar het onderwijs erover is vaak beperkt,’ zegt Timmerman. Hij ziet een holistische benadering als essentieel voor de toekomst van de pijnzorg. ‘Mensen zijn meer dan alleen het aangedane lichaamsdeel,’ zegt hij. ‘Je moet niet alleen naar die knie of rug kijken, maar naar de hele mens.’